Nieuws uit het Bisdom

2 juni 2026

De missie van de Kerk: persoonlijk, in de parochie en als bisdom

Dit jaar bestaat het bisdom Rotterdam zeventig jaar (1956-2026). Als parochie zijn wij deel van het bisdom. Het jubileumjaar staat in het teken van de missie van de Kerk. Wat betekent dat voor ons als parochie en persoonlijk?

De Kerk heeft een missie. Niet één enkele taak, maar een drievoudige zending die haar wezen raakt en richting geeft: vieren, leren, dienen. Zolang wij het Woord van God lezen en ernaar leven, zolang wij de sacramenten vieren, met de eucharistie als bron en hoogtepunt, en zolang wij vertrouwen op de Heilige Geest en elkaar dienen in geloof, zijn volgens het Tweede Vaticaans Concilie in het bisdom de wezenlijke elementen van Kerk-zijn aanwezig.

Een drievoudige missie
Wat geldt voor het bisdom, geldt evenzeer voor de parochie. Een parochie is niet een “plaatselijke afdeling”, maar een wezenlijk onderdeel van het lichaam van Christus, opgebouwd uit levende stenen. Vanuit Woord, het sacrament en de liefdewerken is ook de kleinste parochie volledig Kerk in verbondenheid met de bisschop en de Wereldkerk.

Daarom heeft het weinig zin wanneer grote en kleine parochies met elkaar wedijveren. De enige gezonde wedijver is deze: komen we toe aan alle drie de taken? Zijn we een gemeenschap waar het woord van God gehoord wordt? Vieren we de sacramenten, waarin we door de Heer worden aangeraakt? Zijn we een gemeenschap waarin zijn liefde concreet wordt? Die drievoudige missie kan nooit worden opgesplitst of uitbesteed. We kunnen niet zeggen: de caritas doet een ander, of: het is voldoende als een ander bidt.

Ieder persoonlijk en samen
In alle geledingen van de Kerk – Wereldkerk, bisdom, parochie – moeten verkondiging, de sacramenten en de naastenliefde samen aanwezig zijn. Dat geldt ook voor ieder van ons persoonlijk. Door ons doopsel hebben wij deel aan deze missie. Dat nodigt uit tot persoonlijke vragen: hoe draag ik bij aan de verkondiging van de Naam van Jezus? Hoe is mijn leven verbonden met de sacramenten en mijn groei in geloof? En hoe maak ik de liefde van Christus zichtbaar in mijn eigen omgeving?

Deze vragen kunnen op elk niveau gesteld worden: ieder persoonlijk, als parochie, als bisdom. Wat komt er terecht van ons getuigenis? Van het vieren van de sacramenten? Van onze inzet voor caritas? En wanneer we bijvoorbeeld veel liturgie zien maar weinig diaconie, of juist veel sociale inzet maar weinig geloofstaal en overdracht, juist dan is samenwerking essentieel. De uitvoering van de missie vraagt om een voortdurende wisselwerking tussen bisdom, parochies en gelovigen. Wanneer een parochie te klein of te kwetsbaar is om bijvoorbeeld de voorbereiding op de eerste communie te dragen, ligt samenwerking met een buurparochie voor de hand. En wisselwerking is er ook als je caritas met een aantal parochies samen op kunt pakken.

Gemeenschap van geroepenen
Roeping werd vroeger vaak gezien als iets van priesters of religieuzen. Maar in de kern delen wij allemaal één roeping: samen gestalte geven aan de Kerk in deze wereld. Binnen die gemeenschap van geroepenen heeft ieder zijn eigen taak, soms in catechese, soms in liturgie, en altijd ook in caritas en diaconie. Zo wordt de missie van de Kerk werkelijk drievoudig beleefd – in het bisdom, in de parochie en in het hart van iedere gelovige.

————————

VREDE EN GERECHTIGHEID – Houvast in veranderende tijden

Samenvatting van de brief van 15 april van onze Nederlandse bisschoppen

De brief beschrijft hoe de wereldorde ingrijpend verandert. Meerdere landen breiden hun invloed uit over hun grenzen heen. Daarbij laten hun regeringen zich steeds minder gelegen liggen aan internationale organisaties die de macht van individuele landen beperken. Door de nadruk op het eigenbelang neemt de internationale solidariteit af, wat leidt tot groeiende onrust, instabiliteit en conflicten. Ook in Nederland zijn de gevolgen daarvan merkbaar, onder andere voor vrijheid, welvaart en veiligheid.

Te midden van deze ontwikkelingen wijst de brief op ons geloof als bron van houvast, richting, hoop en troost. We worden opgeroepen te bidden en actief bij te dragen aan vrede en gerechtigheid. Deze twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden: zonder gerechtigheid is er geen echte vrede, en zonder vrede kan gerechtigheid niet tot bloei komen.

De brief benadrukt dat ware vrede niet voortkomt uit geweld, macht of afschrikking, maar uit gerechtigheid, verbinding en het zoeken naar het algemeen welzijn van alle betrokkenen. Vrede betekent niet alleen het vermijden van geweld, maar ook het herstellen van relaties, het erkennen van waardigheid en het werken aan een gezamenlijke toekomst. Geweld kan slechts in uiterste noodsituaties gerechtvaardigd zijn, bijvoorbeeld bij zelfverdediging of ernstige mensenrechtenschendingen, en moet altijd proportioneel, doelgericht en internationaal gelegitimeerd zijn.

Daarnaast wordt het belang van menselijke waardigheid centraal gesteld. Overheden hebben de taak deze te beschermen via democratische processen, een sterke rechtsstaat, bescherming van minderheden en persvrijheid. Internationale samenwerking en vertrouwen tussen landen zijn volgens de brief essentieel voor duurzame vrede.

Ook wordt verwezen naar een toespraak van de paus, waarin hij nadrukkelijk aangeeft dat ware veiligheid niet voortkomt uit controle gevoed door angst, maar uit vertrouwen, gerechtigheid en solidariteit tussen volkeren. Vrede begint in het hart van mensen en krijgt concreet vorm in daden van naastenliefde, solidariteit en verzoening. Alle gelovigen, samen met alle mensen van goede wil, worden gezien als medeverantwoordelijk voor het bevorderen van vrede en gerechtigheid wereldwijd.

Tot slot roept de brief op om, juist in deze onzekere tijden, vast te houden aan gebed en actieve inzet voor vrede. In verbondenheid met de oproep van de paus en in het vertrouwen op de Heilige Geest worden we aangemoedigd om hoopvol te blijven werken aan een rechtvaardige en vreedzame wereld.

Geïnteresseerd in de hele brief? Klik dan hier.

Andere berichten